Context: eerst zien dan geloven

We ervaren het denk ik allemaal, het verschil tussen zeggen en doen. Maar misschien is het toch schrikken:  er bestaat een verschil tussen de papieren wereld en de echte wereld. En terwijl de papieren bureaucratie welig tiert volgen mensen hun eigen weg,  hebben goede voornemens en worstelen met de regelgeving.


Via Bits and Pieces

Karin van den Driesche – Filterdesign

Voorbereiden les – Drempels

Buiten veel enthousiasme ook een aantal drempels als het gaat om zelf materiaal te ontwikkelen voor een les.
– Het kost me meer tijd om te zoeken naar (online) materiaal dan dat ik zelf iets bedenk.
– Het kost me teveel tijd om eenmaal gevonden materiaal te controleren en aanpassen.
– (Te) Groot aanbod van lesmateriaal, forums, enzoverder.
– Delen van materiaal: Zelf veel werk ingestoken en krijg prut terug.
– Smartboards zijn (nog) niet beschikbaar: smartboards zijn niet altijd beschikbaar, geen internetverbinding, geen beamer, geen laptop. Moeilijk toegang tot pc lokaal.

Karin van den Driesche – Filterdesign

Ontwikkelen lesmateriaal – Emoties

Positief:
– Alle klassen les kunnen geven, trots.
– Ontwikkelen van lesstof is leuk, creatieve uiting.
– Je eigen verhaal kunnen maken en vertellen.
– Feedback van leerlingen op leuke opdrachten en enthousiaste reacties.
– Hogere cijfers betekent hoge kwaliteit onderwijs.
Negatief:
– Alleen als je ervaring hebt wordt je gekozen om te arrangeren. Terwijl je onbevangen moet durven zijn. Anders wordt de lesstof saai, het leeft niet.
– Gratis boeken als een zwaard van Damokles; keuze op basis van geld i.p.v. kwaliteit.
– Werkdruk gaat omhoog omdat je moet gaan filteren, dit leidt tot chaos bij kinderen.
– Ben meer een ‘boekenman’, wij zijn niet opgegroeid met internet.
– Veel werk gestoken in maken van materiaal en prut terugkrijgen, dan denk ik ‘luie zak’.
– Op niveau 1+1 lesgeven, geen politieagent willen spelen.
– Ik ontwikkel veel, mijn collega’s zeggen: ‘Je bent gek!’.
– Niet-commerciële houding van collega’s, alles loopt langs elkaar heen, het schiet niet op. Dat is minpunt van het onderwijs.
– Werkdruk door alle activiteiten buiten het lesgeven.

Karin van den Driesche – Filterdesign

Professionaliseren – Triggers voor reflectie

Om beter te kunnen aansluiten op het patroon van activiteiten van onze gebruikers hebben we de aanleiding tot reflectie en verbeteren van lesgeven door docenten/leerkrachten in kaart gebracht. We krijgen op deze manier inzicht in de ondersteuningsbehoeftes. De mogelijkheden tot ondersteuning zitten hem niet alleen in de positieve triggers maar ook de pijnpunten, deze laatste worden in rood weergegeven met een bliksemschicht.

Triggers voor reflectie
Triggers voor reflectie

Karin van den Driesche – Filterdesign

Interviews: Vraag tussendoor

De insteek van de interviews met gebruikers, is het in beeld brengen van de werkzaamheden. Bij een bestaand product komt deze natuurlijk aan bod tijdens het gesprek maar het interview is geen usability test van het product. Stel dat ik een arts interview dan wil ik alles weten wat hij/zij doet. Van het ophalen van de patiënt tot de vervolgstappen na diagnose. Hoe een arts omgaat met het managen van het houden van spreekuur, nevenactiviteiten, etc. Deze insteek is vaak een hele omslag als het gaat om het betrekken van gebruikers in het ontwerpproces.
Zo ontving ik na twee interviews deze vraag van Sonja, die de rol als observator op zich had genomen. Het is een vraag die ik vaak hoor bij de start van het UCD proces.
——–
Q: Beste Karin,
Ik zat net achter mijn computer en wellicht heb ik wat gemist in het hele ucd verhaal maar toch heb ik een vraag..
– hoe komen we tijdens de interviews erachter dat Proformas gebruikt gaat worden?
Groetjes Sonja
——–
A:Hoi Sonja,
Goede vraag.
De insteek is, kunnen we Proformas zo inrichten dat het aansluit bij de gebruiker en daardoor gebruikt zal gaan worden. Dus in plaats van het huidige product Proformas proberen te ‘verkopen’ brengen we het professionaliseren in beeld, hoe werkt het nu (formeel en informeel), wat is de aanpak, zijn er meerdere aanpakken, wat zijn de patronen die we kunnen ontdekken, wat zijn de pijnpunten, wat zijn de mogelijkheden. We starten bij het begin en brengen het gedrag, de emotie en de filosofieën (gedrag + emotie + filosofie = taak) van de gebruikers in beeld met behulp van bijvoorbeeld een mentaal model. Er zijn meerdere werkmodellen die ieder voor zich leiden naar een oplossing voor ondersteuning van gebruikers door automatisering (ook op de lange termijn).
Wanneer je niet aansluit bij de gebruiker zal een product een lage kans van slagen hebben vandaar dit onderzoek. Andersom werkt het niet, een product proberen te ‘pushen’, bevalt het product niet dan gaat men gewoon naar een ander.
Is dit een antwoord op je vraag?
Groeten van Karin
——–
R: Ik ben weer helemaal gerustgesteld….
Groetjes en tot morgen
Sonja
——–

Tip Indi Young heeft onlangs een boek geschreven over Mentale Modellen.

Karin van den Driesche – Filterdesign