Mobiele telefoons en onderwijs?

De mogelijkheden van het gebruik van mobiele telefoons in het onderwijs, mits dat de prijs van mobiele telefoons behoorlijk dalen in de komende jaren, wordt onderzocht in projecten zoals Dunia Moja (One World).  One World is een gezamenlijk initiatief van de  Stanford University (USA) en partner universiteiten in Zuid en Oost Afrika.  Zij onderzoeken hoe communicatie en gezamenlijk onderzoek tussen studenten en faculteiten over milieu issues kunnen worden gefaciliteerd en ondersteund met behulp van mobiele telefoons.

Misschien de bekendste en grootste pilot is het ‘Text2Teach’ project in de Filipijnen.  Onderwijzers kunnen onderwijskundige video’s opvragen met behulp van een SMS bericht. Deze video’s worden vervolgens via satelliet aangeboden op een televisie in de school.

Text2Teach

Karin van den Driesche – Filterdesign

Advertisements

Street-up innovation

Wat mij al jaren heeft verrast tijdens onderzoek en gebruikstesten is hoe innovatief mensen zijn in het aanpassen van het gebruik van een product naar hun eigen wensen en omgeving. Ingewikkelde CMS ‘ admin tools’ die niet worden gebruikt maar vervangen door een linkje van de preview modus van een website te e-mailen naar iedereen die iets te doen heeft met de content.  “Echt super handige manier van contentbeheer”, was het commentaar van gebruikers. Prachtig voorbeeld van dit soort van street-up innovation geeft Jan Chipchase, onderzoeker bij Nokia in Japan. (rond 7.48 min. maar bekijk vooral alles!)

Jan Chipchase: Our cell phones, ourselves.

If you want a big idea you have to embrace everyone on the planet…We need to learn how to listen.

Meer van TED.

Karin van den Driesche

RdMC – Product analyse

Na analyse van de bestaande producten aan de hand van het mentale model zijn we tot de volgende onderzoeksvraag gekomen:
Voorselecteren op lesmateriaal in kader van lesvoorbereiden. Focus binnen het voorselecteren ligt op het proces van sociale interactie. Het onderzoek gaat zich richten op docenten binnen het voortgezet onderwijs.
Aangezien docenten nu gaan beginnen aan een wel verdiende vakantie, starten de interviews in september 2008. Ondertussen wordt een lijst opgesteld met namen van eventuele deelnemers aan de interviews. De categorieën waarbinnen we gaan zoeken zijn; beginnende docenten, ervaren docenten (arrangeerders) en onbevoegde docenten (veelal te vinden binnen praktijk onderwijs).

Analyse bestaande producten
Analyse bestaande producten

Karin van den Driesche – Filterdesign

Bestaande vs nieuwe applicatie

Het onderzoek is hetzelfde, je stapt terug van de tool en je kijkt naar de werkzaamheden, omgeving en de motivatie van de gebruikers.
Waar je wel rekening mee houdt bij een bestaande applicatie zijn:
– Gewoontevorming
– Verwachtingen bestaan al
– Feedback van gebruikers: goed & slecht

Karin van de Driesche – Filterdesign

Interviews: Vraag tussendoor

De insteek van de interviews met gebruikers, is het in beeld brengen van de werkzaamheden. Bij een bestaand product komt deze natuurlijk aan bod tijdens het gesprek maar het interview is geen usability test van het product. Stel dat ik een arts interview dan wil ik alles weten wat hij/zij doet. Van het ophalen van de patiënt tot de vervolgstappen na diagnose. Hoe een arts omgaat met het managen van het houden van spreekuur, nevenactiviteiten, etc. Deze insteek is vaak een hele omslag als het gaat om het betrekken van gebruikers in het ontwerpproces.
Zo ontving ik na twee interviews deze vraag van Sonja, die de rol als observator op zich had genomen. Het is een vraag die ik vaak hoor bij de start van het UCD proces.
——–
Q: Beste Karin,
Ik zat net achter mijn computer en wellicht heb ik wat gemist in het hele ucd verhaal maar toch heb ik een vraag..
– hoe komen we tijdens de interviews erachter dat Proformas gebruikt gaat worden?
Groetjes Sonja
——–
A:Hoi Sonja,
Goede vraag.
De insteek is, kunnen we Proformas zo inrichten dat het aansluit bij de gebruiker en daardoor gebruikt zal gaan worden. Dus in plaats van het huidige product Proformas proberen te ‘verkopen’ brengen we het professionaliseren in beeld, hoe werkt het nu (formeel en informeel), wat is de aanpak, zijn er meerdere aanpakken, wat zijn de patronen die we kunnen ontdekken, wat zijn de pijnpunten, wat zijn de mogelijkheden. We starten bij het begin en brengen het gedrag, de emotie en de filosofieën (gedrag + emotie + filosofie = taak) van de gebruikers in beeld met behulp van bijvoorbeeld een mentaal model. Er zijn meerdere werkmodellen die ieder voor zich leiden naar een oplossing voor ondersteuning van gebruikers door automatisering (ook op de lange termijn).
Wanneer je niet aansluit bij de gebruiker zal een product een lage kans van slagen hebben vandaar dit onderzoek. Andersom werkt het niet, een product proberen te ‘pushen’, bevalt het product niet dan gaat men gewoon naar een ander.
Is dit een antwoord op je vraag?
Groeten van Karin
——–
R: Ik ben weer helemaal gerustgesteld….
Groetjes en tot morgen
Sonja
——–

Tip Indi Young heeft onlangs een boek geschreven over Mentale Modellen.

Karin van den Driesche – Filterdesign